Fujifilm werkt aan de ontwikkeling van bioafbreekbaar fotopapier. In eerste instantie op verzoek van een grote klant, maar het bedrijf hoopt het product breder in de markt te kunnen zetten.
Eind maart kon Fujifilm eindelijk ook met de buitenwereld delen waar het van origine Japanse fotobedrijf al zo'n 2,5 jaar aan werkt. Tijdens de Fujifilm Photo Printing Summit 2023 in Tilburg konden leveranciers, partners en klanten met eigen ogen zien hoe bioafbreekbaar fotopapier er na een paar weken in de composthoop uit zag: al bijna volledig uit elkaar gevallen.
Het is het resultaat van een proces dat begon in 2019 en nog steeds volop in ontwikkeling is. Aanvankelijk dacht Fujifilm dat bioafbreekbaar fotopapier, zonder plastic, niet mogelijk was. "Het ontwikkelen van fotopapier is een nat proces, daarbij is een watervaste laag nodig om het papier in te pakken ", vertelt Kees van Rest, die de ontwikkeling binnen Fujifilm begeleidde. Nadat een belangrijke klant toch aandrong en vroeg om fotopapier met een bioafbreekbare plastic laag, keek Fujifilm in 2021 opnieuw naar de mogelijkheden. Er werd een biobased en bioafbreekbaar plastic ingekocht en uitgetest in combinatie met het fotopapier.
"De eerste tests vielen heel erg tegen, met name de hechting van het papier", zegt Van Rest. Ook waren er problemen met de hechting van de emulsie (die nodig is voor de foto-ontwikkeling) aan het bioplastic. Deze horden zijn inmiddels genomen en het bioafbreekbare fotopapier is nu klaar op laboratoriumschaal. De volgende stap is het testen op de commerciële lijn. Er ligt dus nog geen kant-en-klaar product, maar de hoop is dat eind dit jaar de eerste productierun plaats kan vinden.
De plastic coating van het fotopapier is gemaakt van 75 procent
hernieuwbare, biobased materialen, die ook een NEN-EN 13432:2000
certificering hebben. Dat betekent dat ze zijn goedgekeurd voor
industriële compostering. Maar de coating is slechts 20 procent van
het fotopapier. 75 procent is papier, wat Van Rest "de ruggengraat van het
fotopapier" noemt en als natuurlijke grondstof ook goed afbreekt. Dan
resteert nog een paar procent fotogevoelige lagen. Twee derde hiervan
bestaat uit gelatine: eveneens goed afbreekbaar. Van de overige een derde
wordt ook het zilver teruggewonnen. Wat daarna overblijft bestaat uit
materialen “waar je twijfels over kan hebben”. Deze materialen
blijven achter na de compostering, maar het gaat volgens Fujifilm om zeer
kleine hoeveelheden.
Wat het nut is van bioafbreekbaar fotopapier, is een vraag die Fujifilm
zichzelf ook wel stelde. Foto's komen immers normaal gesproken niet
massaal in het zwerfafval of gft terecht. "Uiteindelijk dachten we: ook
foto's worden een keer weggegooid, en alle kleine beetjes helpen", zegt
Van Rest. "Het breekt echt compleet af, er blijven geen microplastics
achter, dat is de meerwaarde."
Het bioafbreekbaar fotopapier is ontwikkeld in de Europese vestigingen van Fujifilm, met een belangrijke rol voor de locatie in Tilburg. Het Japanse moederbedrijf moest wel overtuigd worden van het belang. Van Rest: "Het besef dat het ook voor Japanners goed is, en het niet alleen spielerei is van onze kant, komt nu langzaam maar zeker."
Aanvankelijk verwacht Fujifilm dat het bioafbreekbare papier een nichemarkt zal worden. Vanwege de kosten voor grondstoffen en de ontwikkeling zal het duurder zijn dan het reguliere fotopapier, en dus vooral aantrekkelijk zijn voor die klanten die duurzaamheid hoog in het vaandel hebben staan.